Heb je net een trompet? Dan begin je bijna altijd met dezelfde vijf tonen: C, D, E, F en G. Ze liggen dicht bij elkaar, je hebt maar een paar grepen nodig en je kunt er al echte liedjes mee spelen.

Liever kijken en luisteren? In deze video zie je bij elke toon welke ventielen je indrukt, en speel je de drie oefeningen mee.

De ventielen

Houd de trompet vast met je linkerhand. De vingertoppen van je rechterhand rusten op de ventielen: wijsvinger op 1, middelvinger op 2, ringvinger op 3. Druk een ventiel altijd helemaal in.

De drie ventielen van de trompet en hoeveel lager elk ventiel klinkt

De vijf tonen

De eerste vijf tonen op de trompet: C, D, E, F en G met ventielgrepen
C en G zijn open. D speel je met 1 + 3, E met 1 + 2 en F met 1.
  • C: open, op de hulplijn onder de balk
  • D: ventiel 1 + 3
  • E: ventiel 1 + 2
  • F: ventiel 1
  • G: open, op de tweede lijn

Valt het je op dat C en G allebei open zijn? Je maakt het verschil met je lippen: voor de G span je ze iets meer en blaas je sneller lucht. Daarover lees je meer in Boventonen op de trompet.

GRATIS · TROMPET
Alle grepen op een rij
Bekijk de complete grepentabel, van de lage Fis tot de hoge C.
▶ Naar de grepentabel

Oefening 1: lange tonen

Speel elke toon vier tellen lang, in een rustig tempo van 60 bpm. Adem in, speel de C, adem weer in, speel de D, enzovoort tot de G. Let op een rustige, gelijke toon van begin tot eind.

Oefening 2: omhoog en omlaag

Speel C D E F G F E D C in kwartnoten. Tel hardop of in je hoofd mee: 1 2 3 4. Gaat het goed? Speel dan dezelfde reeks in achtsten: 1 ne 2 je 3 je 4 re.

Oefening 3: je eerste liedje

Met deze vijf tonen kun je al Vader Jacob spelen: C D E C, C D E C, E F G, E F G. Lees de noten in de theorie over noten lezen.

GRATIS · TROMPET
Speel mee in een vast tempo
Zet de metronoom op 60 bpm en speel elke toon vier tellen lang.
▶ Open de metronoom