Zodra er twee noten op één tel klinken, heb je te maken met achtste noten. Je herkent ze aan de balk die twee noten verbindt. Samen duren ze precies één tel.

De telwoorden

Bij Op de tel zeggen we de tel zelf hardop (1, 2, 3, 4) en geven we de achtste ertussen een eigen woordje:

  • na tel 1: ne
  • na tel 2 en 3: je
  • na tel 4: re

Een hele maat achtsten tel je dus als 1 ne 2 je 3 je 4 re. Doordat elk woordje anders klinkt, weet je altijd precies waar je in de maat bent.

Tellen die je niet speelt

Klinkt er op een tel geen noot, bijvoorbeeld bij een rust of een lange noot? Dan tel je die tel wel, maar zachtjes of in je hoofd. In de oefentool staan die tellen tussen haakjes, zoals (2).

Oefen het in de les